Selecteer een pagina

Ik sta op het uiterste puntje van de plank, mijn tenen krullen over de rand . Steeds als ik me beweeg, dein ik zachtjes heen en weer. Zo’n tien meter onder me het kabbelende water, achter me, aan het begin van de plank en op de trap, een rij aan mensen die me allerlei goedbedoelde kreten toeschreeuwen. ‘Spring nou’ ‘je kan het’ en ‘wat kan er gebeuren’. Zweetdruppeltjes parelen rond mijn neus en mijn hart lijkt mijn borstkas uit te pompen. Opeens voel ik ze, twee grote handen met prikkende vingers in mijn rug, die me een duw geven. Ik probeer me, in een halfslachtige poging, nog vast te grijpen aan iets, de maaiende bewegingen in de lucht moeten er dramatisch uitzien, maar het lukt niet. Dan geef ik me er aan over en hang tussen de duikplank en het water en wacht, met mijn ogen dicht, op de klap.

Afgezien van de duw zou dit zomaar een situatie kunnen zijn die zich daadwerkelijk binnen mijn leven afspeelt. Als kind heb ik menig zwemfeestje dapper de trap bestegen naar de ‘hoge duikplank’ om na vijf minuten rillend als een rietje me maar weer om te draaien en verslagen de trap terug te nemen onder toeziend oog van mijn feestgenoten en andere zwemmers. Of tijdens mijn Strong Viking avonturen, waar ik wederom dapper de trappen beklom naar de Fjord Drop, bij elke trede omhoog groener werd en mijzelf bleef influisteren dat ik het echt moest doen, om wederom boven weer af te druipen naar beneden. Noem het hoogtevrees, noem het valangst, geen idee, maar ik heb het.

De werkelijke reden van het beschrijven van het ‘duikplankavontuur’ heeft, naast de realistische versie, een meer metaforische reden. Na het overlijden van mijn vader voelde het of ik daar zweefde, tussen de plank en het water. Afgelopen jaren ben ik, door gebeurtenissen in mijn leven, steeds wat naar voren geschuifeld, totdat ik, tijdens zijn ziek zijn, op dat laatste, wiebelende stukje stond. Zijn overlijden staat voor de grote, duwende handen en voilà, daar hing ik, in afwachting van de klap. Mijn leven voelde uit balans en ik werd teruggeworpen op gevoelens uit mijn puberteit als eenzaamheid en angst om in de steek gelaten te worden. Ik had het zwaar met zijn gemis, alles wat er omheen kwam kijken en daarnaast opende zich een luik, ergens diep onderin mijn buik, dat heel veel jaren hermetisch gesloten was gebleven. De gevoelens die uit dat luik kwamen, waren niet meer te stoppen en langzaam werd ik overgenomen door verdriet, oud zeer, pijn en angst.

Mijn jaren zorgvuldig opgebouwde ‘ik kan het allemaal wel aan’- houding brokkelde af, ik voelde me alleen, ondanks mijn fijne gezin en warme mensen om me heen. Waar ik al die jaren heel veel op mijn kracht gedaan had, lukte me dat nu niet en dat was een geheel nieuwe ervaring. Ik ondernam actie en bezocht een tweetal therapeuten, beide met verschillende expertises. Daarnaast startte ik begin december aan het 365Dichtbij programma, dat gericht is op persoonlijke ontwikkeling. Uit de gesprekken en oefeningen die ik dagelijks deed (en nog doe) kwam al gauw dat ik het lastig vind om me kwetsbaar op te stellen. Door het leven dat er niet voor gezorgd heeft dat ik vertrouwen kreeg omdat er steeds weer iets negatiefs op mijn pad komt en inmiddels altijd op mijn hoede voor mogelijk nieuw gevaar dat me onderuit trapt, is ‘stoer zijn’ en grappen maken het veiligste afweermechanisme. Mijn ‘ik’ is kwijt en jarenlang overgenomen door belemmerende overtuigingen vanuit mijn hoofd en meningen van anderen die ik me bijzonder aantrek en laat meewegen in beslissingen die ik neem.

Moraal van dit verhaal? Doodeng, een stukje kwetsbaarheid tonen, van mij naar jou. Dat ik het soms ook ‘gewoon’ niet weet. Maar daar waar een wil is, er ook een weg is, die ik nu bewandel. Waar ik nu nog angst heb van wat er uit de zijwegen komt, hoop ik over een aantal maanden rechts voorrang te kunnen geven en links te laten wachten. Met mijn blik op oneindig en kracht en kwetsbaarheid onder mijn arm, als een bundeltje geluk. Of om in de metafoor van de duikplank te blijven, ik raak het water, zwem naar de kant en klim elegant via het trappetje omhoog. ‘Here I am, baby!’.

PS: Ik had graag een afbeelding met een duikplank als ondersteunend beeldmateriaal geplaatst, maar helaas had ik die echt niet in mijn archief. Wellicht dat je in de afbeelding ook een stukje symboliek kunt ontdekken!